Kerstbrief van Jelle

***Jelle heeft een brief geschreven aan zijn klas. Dat wil zeggen, hij heeft hem gedicteerd en ik heb het precies getypt zoals hij het zei. Als hij het zelf zou moeten schrijven, dan zou hij snel zijn interesse verliezen – dit is een betere manier om veel verhalen uit hem te krijgen! Dat schrijven oefenen we wel weer een andere keer. 🙂 ***

P1000490

Hallo groep 5! Hier is een berichtje van Jelle voor jullie!

Hoe gaat het met jullie? Hebben jullie een leuke kerstvakantie gehad? Hoe was het kerstdiner op school? Bij ons kerstdiner stond er elandneus op tafel. Ik heb het niet geprobeerd maar Bram wel. Het was niet bij ons thuis maar bij een mevrouw van de First Nations. Dat is het Canadese woord voor indianen. Maar zij zeggen niet meer indianen, want dat vinden ze niet beleefd.

P1000712

De elandneus was gestoomd in een grote pan en toen hadden ze alle haartjes eraf geplukt met de hand. Volgens mij was dat wel een priegelwerkje. Toen zag de neus eruit als een roze drilpudding. Zo groot als een voetbal. Die sneden ze in kleine stukjes. Bram vond het niet zo lekker. Het was heel vet en taai. Maar hij was heel flink en hij slikte het door. Dat vonden de mensen heel stoer en heel leuk.

P1000711

Er waren ook lekkere broodjes met kaneel en suiker. En kalkoen en ham. Van de kalkoen en ham heb ik veel gegeten. Ik vond het heel erg lekker. Er was ook zoete aardappel, dat is oranje. Wij hadden een enorme chocoladetaart meegenomen die we zelf hadden gebakken. Daar heb ik een groot stuk van gegeten.

DSC04020

De mensen vertelden allemaal grappige verhalen over het jagen op elanden. Er was een man en die had een eland in zijn gewei geschoten. De eland viel neer. Toen de man ernaartoe liep, was de eland weg. Alleen het ene gewei lag er nog. De volgende dag kwam er een andere man en die zei tegen die man dat hij een eland had geschoten met maar Ă©Ă©n gewei. Toen zei die andere man: laten we passen, want ik heb een eland geschoten maar toen bleek dat ik alleen het gewei had geraakt. En het paste en toen hebben ze de eland samen gedeeld.

En er was een andere man, die was 5 meter van een dak gevallen en had zijn been op veel plaatsen gebroken. De dokter zei: je zal nooit meer kunnen lopen. Maar de week erna heeft die man een eland geschoten middenin de wildernis, met zijn hele been in het gips. En nu loopt hij weer zo fris als een hoentje.

IMG_7006

Wij plassen niet op de wc maar op een speciale buiten-wc. Dat noemen ze hier een outhouse. Het is een houten huisje met een gat eronder. Daar valt je poep en plas in. En nu het vriest, komt er een hele grote poeptoren. Als die te hoog wordt, dan moeten we hem omduwen. Want anders raakt hij je billen. We hebben geen wc, omdat we hier in de winter weinig water hebben, want het beekje is bevroren. We hebben geen waterleiding zoals in Nederland. We hebben een grote plastic tank in de kelder. Een keer in de paar weken komt er een vrachtwagen om water uit het grote meer in die tank te doen. Wel 3000 liter. Maar daar moeten we dus heel zuinig mee zijn. We hebben in huis dus wel water voor de keuken, de douche en de wasmachine. Maar we douchen niet zo vaak. We wassen ons meestal met een kom water en een washandje. Net zoals de mensen vroeger in Nederland deden.

0798_outhouse

Hebben jullie veel cadeautjes met Kerstmis gekregen? Ik heb zelf een kerstboom omgezaagd in het bos en met een slee mee naar huis genomen. Er hangen allemaal mooie dingen in. De meeste hebben we zelf gemaakt. Wij hebben hier geen Sinterklaas gevierd, maar in plaats daarvan vierden we kerst. Er waren ook Sintpakjes met de post gekomen en die lagen ook onder de boom. En mijn tante had ook pepernoten en speculaaskruiden en chocolademunten opgestuurd.

Dit zijn de dingen die ik heb gekregen: lego, een elandje, kneedgum, een stuiterbal die licht kan geven, een mini-schildersezel met een wit doek en daar heb ik een mooi schilderij op gemaakt, een boek met gekleurde velletjes, een pak met ansichtkaarten die je zelf kan inkleuren, een scheetkussen, twee spelletjes, een Guinness Book of Records van 2019, dinosokken en twee chocoladeletters.

Ik heb een nieuwe sport. Ik doe aan ijshockey. Het is heel lastig want je moet keihard schaatsen en hockeyen tegelijk. Je kan je erg bezeren maar daar kan ik wel tegen. Het is heel lastig want de puck gaat heel snel. (Een puck is een soort van de voetbal voor ijshockey, maar dan plat en kleiner.) We ijshockeyen op een meertje in de buurt. Dat is nu dichtgevroren.

P1000705
DSC04194

Het grote meer is nog open. We hopen dat het dit jaar dicht gaat vriezen want dan kan ik naar Atlin Mountain schaatsen. De vorige keer dat we hier woonden, in 2016, was het meer niet dichtgevroren. Dat was voor het eerst in 40 jaar. Dat vond ik heel jammer. Is het bij jullie aan het vriezen? Ligt er al sneeuw?

Groetjes Jelle

PS Hieronder nog wat foto’s.

P1000096
DSC03269
P1000480
DSC03593
DSC04073

DSC03304Dit is onze vriezer. In die papieren pakjes zit elandenvlees.
Die grote dingen zijn zalmen. Die rode bolletjes zijn
frambozen. Onderin ligt bevroren boerenkool.

DSC03957Op de stenen bij het meer ligt veel ijs, van de golven. Dat kun je eraf halen
en eronder gaan zitten en dan ben je net een schildpad.

DSC04152We waren bij vrienden om midwinter te vieren, op 21 december.
Er was een groot vreugdevuur. We aten ham van hun eigen varken.
Er was ook vuurwerk maar toen lag ik al te slapen.

DSC04123Er is hier een ander jongetje dat thuis les krijgt, net als wij. Hij heet Xavier en hij is iets ouder dan Bram. We doen soms dingen samen. Hier deden we een project over diersporen. Zijn ouders hebben sledehonden. We hebben daar al eens een ritje mee gemaakt.

IMG_6890We hebben huisdieren! Namelijk wormen. We geven ze
groenteafval
. Ze hebben ook al baby’s gekregen.

P1000032Wij mochten helpen een halve eland in stukken te snijden. Sommige stukken
waren voor biefstuk of stoofvlees. De restjes gingen in de gehaktmachine.

P1000371Nog een dood dier: een hoen (spruce grouse). Die had papa langs de weg
gevonden. Hij was doodgereden door iemand anders. Maar hij was nog
heel
vers en helemaal heel. En heel lekker.

P1000644We gaan vaak naar dit uitzichtspunt boven ons huis.
Daar zijn rotsen waar je op kunt spelen.

DSC04179
P1000056
IMG_6953
Kerstkaart 2019

 

 

Advertenties

Warme bronnen en Northern Rockies

Time for a road trip!

DSC03557

Wij zijn niet zo van die autotypes, dus road trips zijn aan ons nooit zo besteed – maar voor Ă©Ă©n gebied maken we graag een uitzondering: Yukon en noordelijk BC. Er is iets met dat landschap, met die vergezichten, met de bossen en de bergen en de rivieren, wat ronduit betoverend is. Er is nauwelijks verkeer, dus je kunt rustig overal stoppen. Bovendien is het altijd Ă©Ă©n grote safari, wat de rit voortdurend spannend maakt, ook als je urenlang geen levend wezen ziet. Het kán immers altijd. Overal in de berm staan sporen van lynxen, wolven en elanden. Hier en daar zit een vos met zijn prooi in de berm. Ligt er een doodgereden haas langs de weg, dan zitten er raven en zeearenden bij, die bozig opvliegen als je langsrijdt. Ja, zo vinden wij een road trip geen straf.

DSC_5752-bewerkt

Deze keer stonden de warme bronnen van Liard River op het programma, een sprookjesachtige plek waar wij in 2016 al eens waren. Maar toen was het zomer en regende het onafgebroken. Nu wilden we weleens kijken hoe de bronnen er in de winter bij liggen. En we wilden deze keer nog een eindje verder doorrijden, naar de Northern Rockies.

aa_kaartje

Het begon al goed, want onze steile oprit was spekglad. Het schommelde al een tijdje rond het vriespunt, waardoor er een dikke laag glanzend ijs lag. De wegen worden keurig gestrooid, maar de oprit niet… Stapvoets naar beneden rijden bleek niet voldoende. We raakten in een slip, draaiden bijna 180 graden rond, nog altijd stapvoets, en knalden achterstevoren met de bumper tegen een boom. Gelukkig stond die boom er, want anders waren we misschien wel over het randje gegaan. De schade aan bumper en boom viel mee. Maar dat gevoel dat je achterwielen je voorwielen beginnen in te halen, in slow motion, en dat je er helemaal niets tegen kunt doen… brrrr.

P1000145

P1000147

Even strooien met gravel (een echte Canadees heeft altijd een schep in zijn auto), en we waren weer onderweg.

Liard River is ongeveer twee dagen rijden, dus we maakten een tussenstop in Teslin. Daar kun je heerlijk bizonburgers eten. Die komen van een farm, vermoeden we, maar ze zijn wel authentiek: dit zijn de wood bison van het grensgebied van Yukon en BC. Onderweg kom je alsmaar dit soort borden en elektronische waarschuwingen tegen:

DSC03305

En dit soort tronies!

DSC_5358

De beesten grazen bij voorkeur in de bermen van de highway, in groepjes van twee tot wel honderd exemplaren. Ze trekken zich van het verkeer niks aan. Soms staan of liggen ze midden op de weg. Moeders met kalfjes, hitsige pubers en strijdende mannetjes.

De tweede dag bracht veel sneeuw, dus we moesten langzaam rijden. Pas ’s avonds laat arriveerden we in de Lodge tegenover de Liard Hot Springs. Maar de lange rit was de moeite meer dan waard. Want o, die bronnen waren weer sprookjesachtig mooi, helemaal nu er sneeuw lag. Het was ongeveer min 10, dus natte haren en wimpers bevroren meteen. En er was geen kip, behalve wij.

DSC03401
DSC03327

De bronnen liggen middenin een moerassig natuurgebied, dat er dampend en frisgroen bij ligt, ook middenin de winter. Overal zijn warme poelen en beekjes. De hoofdpoel is bijna te heet om in te zitten. Van daaruit kun je een keten van kleinere poelen bereiken, die geleidelijk kouder worden. De warme dampen slaan neer op de omringende bomen als een dikke laag rijp: fantastisch mooi.

DSC03362

De kunst is dat je in de grote warme poelen zodanig opwarmt dat je op avontuur kunt gaan in de koudere kreken, tussen de ijspegels en de wonderlijke rijpformaties. Zodra je te veel dreigt af te koelen, ga je weer liederlijk onderuitliggen in het warmste gedeelte.

DSC03436
DSC03426
DSC03364

De heren vermaakten zich uitstekend met de heilzame modder, met hun frozen hair contest en met de kunstmatige waterval.

Pa en moe ook, overigens. Laatstgenoemde leerde zichzelf van haar aller-luiste kant kennen. Eerstgenoemde nam ook nog even de tijd om in zijn eentje het warme zwavel-ecosysteem te fotograferen.

DSC03358

Na anderhalve dag hadden we genoeg gesoakt. Tijd om door te rijden, richting de Northern Rockies. Al gauw werden we getrakteerd op de waarneming van de eeuw: een prachtige lynx die muizen aan het vangen was naast de weg. En daar onverstoorbaar mee doorging. Teun en Bram konden zelfs de auto uit stappen om hem van dichterbij te fotograferen.

DSC_5712-bewerkt


DSC_5714-bewerkt1

DSC_5717-bewerkt

In Muncho Lake Provincial Park, een uur rijden naar het zuiden, maakten we een korte wandeling naar een prachtig uitzichtspunt boven de vallei van de Trout River. Aan weerszijden liggen zouthoudende rotsformaties waar wilde schapen en andere hoefdieren op af komen: de Mineral Licks. Helaas zagen we geen wildlife – behalve dan de twee nogal luidruchtige aapjes die er misschien wel de oorzaak van waren dat we verder geen wildlife zagen.

Bij het uitzichtspunt moest Jelle even testen of je tong echt vastvriest als je in de bittere kou aan een ijzeren hek likt. Dat was het geval. “Maar het deed zo’n pijn dat ik me binnen Ă©Ă©n seconde weer losrukte.” (Er hoefde geen urine aan te pas te komen – voor wie Popular Music van Mikael Niemi heeft gelezen, overigens een absolute aanrader.)

DSC03513
DSC03518

Wildlife zagen we nog wel verderop langs de weg: een grote groep elk (Amerikaans edelhert), zo’n 30 stuks tegen de bosrand. Ons einddoel was het dorp Toad River (60 inwoners), dat een camping heeft met mooie en betaalbare houten hutjes. En een redneck-restaurant vol foto’s van jachttrofees en andere interessante uitingen.

P1000212

P1000213

De volgende dag hadden een volle dag om te spelen in de sneeuw, omdat we twee nachten in onze fijne cabin wilden blijven. Het was een stralende dag met een stralende temperatuur: min 25 graden! Zo’n temperatuur waarbij het vocht in je neus bevriest en je longen protesteren als je te diep inademt.

Dat legt wel even wat beperkingen op ten aanzien van wandelen. Stevig doorlopen lukt niet met deze leeftijdsgroep en met het steeds stilstaan voor diersporen en foto’s. Dus dan worden toch al gauw de vingers en tenen en neustopjes te koud… We hielden het dus bij een paar korte uitstapjes op mooie plekken langs de dampende, dichtvriezende rivier.

P1000223

P1000227


P1000241
P1000238

DSC03528

En toen was het alweer tijd voor de terugweg. Die legden we af in twee dagen – deze keer met een tussenstop in Watson Lake. En ook ditmaal met schitterende landschappen, mooi en minder mooi weer, en veel wildlife.

Toch lang niet gek, zo’n road trip.

DSC_5952-bewerkt

DSC_5870-bewerkt
DSC_5969-bewerkt

DSC03538
DSC03547
DSC03546
DSC_6089-bewerkt
DSC03541

P1000322
DSC_6118
DSC_6095

 

 

 

 

Brieven van de jongens

00_brief van BramGroetjes van Bram!

Hieronder van Jelle:
00_brief van Jelle

Hallo allemaal,

Hoe gaat het met jullie?

We hebben allebei ook al een brief geschreven, kijk maar, die zie je hierboven. Maar er is nog meer te vertellen. Mama typt maar wij zeggen wat ze moet typen.

We wonen in een houten huis op een helling. We kijken uit over het grote meer van Atlin. Atlin is het dorpje waar we vlak in de buurt wonen. Ons huis is vijf kilometer buiten het dorp. Het is vlak bij Alaska.

DSC02557

Aan de overkant ligt een besneeuwde berg: Atlin Mountain. Achter ons huis is ook een berg, Monarch Mountain. Daar zijn we al twee keer op geweest. De tweede keer was alles bevroren. We liepen over een bevroren meertje. Vanaf de top kon je veel andere bergen zien. En het grote meer.

DSC03031

We hebben veel dieren in de tuin. We hebben al een hert gezien en chipmunks (dat zijn kleine grondeekhoorntjes). En ik zag hoe een wezel met een muis vocht. We hebben ook veel vogels bij het voederhuisje. Ik heb ze geteld: 135 in een half uur. We moeten de zaadjes elke dag bijvullen. Kleine restjes eten geven we aan de grijze gaaien. Die komen uit je hand eten. Dat voelt heel grappig.

DSC02531
DSC02538

We zitten op karate. En we hebben ons examen gehaald:

DSC02618

DSC02614

DSC02624

We gaan elke dag hout hakken. Want we hebben een kachel. En anders vriezen we dood. Het is nu al in de nacht min 15 graden en overdag meestal min 7 of min 8. Er ligt veel sneeuw. We gaan ongeveer elke dag sleeën en sneeuwballengevechten doen. Alleen  meestal plakt de sneeuw niet omdat het hier zo koud is dat de sneeuw niet plakt.

houthakken

houthakken_2
DSC02542

We gaan niet naar school maar we krijgen thuis les. We doen tempolezen, rekenen, taal en spelling. En ook Squla op de iPad. Hout bewerken, met wol werken. Blokfluit spelen, Engels. Helpen afwassen en helpen koken of bakken. En we moeten elke dag in onze e-reader lezen (want we konden geen stapel boeken meenemen) en in ons dagboek schrijven. Meestal zijn we in een paar uur klaar. Daarna gaan we naar buiten.

Brams werkstuk over de veelvraat

IMG_6756

De oehoe van Bram en de specht van Jelle:

uil door Bram gemaakt

We maken elke dag wel een wandeling. Soms naar de top van een berg, of gewoon een vlakke wandeling, een paar kilometer. Dan zien we vaak eekhoorns, chickadees (dat zijn meesjes) en veel diersporen. Van konijnen, bevers, elanden, stekelvarkens, beren en vossen en soms een drol van een wolf of lynx. We hebben al twee keer een lynx zien oversteken en ook weleens een coyote. Een keer zagen we allemaal sporen van nagels van beren in bomen.

DSC02655

We hebben al veel beren gezien: zwarte beren en grizzly’s. Het record aan coolheid was een veelvraat (dat is een soort hele grote marter, heel zeldzaam en heel schuw. Die zagen we hoog in de bergen). En ook nog vier elanden naast elkaar aan het grazen, vier beren aan het vissen in de rivier, en vijf kariboes (dat zijn rendieren) hoog in de bergen. We zien ook vaak zeearenden en raven. Soms een visarend of een steenarend.

houthakken_3De Canadezen stoppen hun vriezer helemaal vol in de zomer en in de herfst: met eland, zalm, bessen, paddenstoelen en frambozen. Die halen ze allemaal uit de natuur. En groenten uit de tuin. Want veel groenten heb je hier niet in de winkel en die zijn heel duur. Dan hebben ze de hele winter genoeg te eten, als ze maar genoeg verzamelen!

Wij hebben ook veel vis in de vriezer. Die hebben we gekocht van mensen die ze zelf hebben gevangen. En heeeeel veel frambozen. Die hebben we zelf geplukt. Wel een stuk of duizend. En veel eland. Als biefstuk, gehakt en worstjes. Die hebben we gekregen van vrienden die jagers zijn. Bijna heel Atlin is een jager. In ruil daarvoor helpen wij dan bij die mensen in de tuin of gaan we voor ze houthakken.

We hebben gekampeerd hoog in de bergen. We hadden een waterfles in de tent en de volgende ochtend zat er ijs in! Ik had het vaak koud behalve als de zon op me scheen. En het duurde heel lang voor de zon opkwam omdat hij achter een berg zat.

kamperen in de herfstkleuren

We hebben ook zelf vis gevangen. Met een vriendin van papa en mama hebben we gevist in een bootje op het grote meer. Toen hebben we een grote en een kleine zalmforel gevangen. Ik heb ook geholpen met schoonmaken van de vis.

vissen op zalmforel op het gletsjermeer

vissen op het grote meer

zalmforel schoonmaken

Wij slapen in de woonkamer, want er is maar Ă©Ă©n slaapkamer en daar slapen papa en mama. Gelukkig hebben we een uitklapbed. Het is gezellig omdat de kachel brandt in de woonkamer.

IMG_6064_home

We gaan soms ook naar Whitehorse (dat is het stadje twee uur verderop. En dat is het aller dichtst bij ons dorpje vandaan). En daar zijn we naar een museum geweest over mammoeten en daarom hebben wij  nu twee enorm mooie posters in ons huis hangen.

P1270270
P1270293

Vandaag is er wel een laag sneeuw van een halve meter dik gevallen. We moesten heel veel sneeuw ruimen. Voor de lol hadden we paadjes gemaakt in de sneeuw met de sneeuwschuiver.
sleeen op de helling onder ons huis

Dag allemaal! We missen jullie heel erg. Gelukkig vliegt een jaar zo voorbij. We zijn nu al drie maanden weg. Maar we vinden het hier ook hartstikke leuk. Daaaag!

bij de gletsjer

Liefs,

Jelle en Bram

~~~~~

groetjes uit Atlin
DSC03020
piramide van sneeuwballen

punniken

IMG_6713
kanoen
wolf van origami
bergtocht in de sneeuw

 

 

Ruby Mountain – over goden, geweien en een veelvraat

Het was een gure dag en het regende pijpenstelen. Langs de kant van de weg, vlak buiten het dorp, liep een man zonder regenjas of paraplu. Op zijn lange, grijze haren droeg hij een baseballpet die was versierd met zwart-wit-rood borduursel in de inheemse Tlingit-stijl. Hij was niet aan het liften, maar we stopten toch, want hij zag eruit alsof hij op weg was naar Five Mile. Dat is de Tlingit-nederzetting (‘The Reservation’) vijf mijl buiten het dorp – veel te ver om te lopen met dit slechte weer. Ja, hij wilde graag meerijden.

art

Het werd een bijzondere rit. De man vertelde allerlei verhalen. Over Five Mile, waar we van harte welkom waren, ook op het heilige strand. En over de omgeving. Waren wij al eens naar het eind van de Ruby Valley geweest? Nee? Daar heb je drie slapende vulkanen. Zo moet het einde van de wereld eruitzien. En als het daar regent en de zon door de wolken breekt, dan is het alsof de goden tegen je praten. Het is de mooiste plek op aarde.

Bij zijn huis aangekomen haalde de man een enorme zalm uit zijn vriezer, die hij ons cadeau deed. Weigeren had geen zin. En, zei hij, niet vergeten: snel eens naar Ruby Mountain gaan en dan doorrijden zover je kunt!

Dat lieten wij ons geen twee keer zeggen. Meteen de volgende dag gingen we op weg. Het is een uur rijden in de vallei van de Pine Creek, langs Surprise Lake en dan linksaf langs de Ruby Creek.

DSC00608Pine Creek

DSC00619Ruby Creek

DSC00660Ruby Mountain

De vallei doet zijn naam eer aan: de beekbedding, de onverharde weg, de berghellingen: alles is er diep robijnrood.

Dit is het domein van de miners: benedenstrooms, waar de kreek in Surprise Lake uitmondt, wordt op industriĂ«le schaal goud gewonnen – een opengereten wonde in het landschap. Aan de andere kant van Ruby Mountain is lange tijd een zilvermijn geweest, die nu is verlaten. Het hogere gedeelte van de Ruby Valley is wat dat betreft nu rustig, maar er lopen wel allerlei onverharde wegen die in de jaren ’60 en ’70 zijn aangelegd door prospecters op zoek naar molybdeen. Naar verluidt zit er daar ruim 100 miljoen ton molybdeen in de grond, maar de winning is nooit van de grond gekomen: niet rendabel. De claim van destijds geldt nog wel; hetzelfde bedrijf is nu in de naburige Boulder Creek actief – en die ligt dan ook grotendeels overhoop. Hopelijk laten ze Ruby Creek voorlopig nog even met rust.

DSC00615

Hoe verder en hoger je komt, hoe slechter de weg wordt. In 2016 waren we al eens in deze vallei geweest, maar toen waren we omgekeerd bij een slagboom. Oh, gewoon de slagboom openmaken en verder rijden, was het nuchtere advies van onze lifter. De slagboom zit al sinds de jaren ’70 niet op slot en er kraait geen haan naar. Verder dus! Holderdebolder, tot je nauwelijks meer van een weg kunt spreken.

DSC00631

De lucht was grijs en er viel natte sneeuw. Recht voor ons zagen we een oude vulkaan opdoemen. En precies daarboven… scheurde opeens het wolkendek open en kwam de zon tevoorschijn. De natte sneeuw schitterde in het zonlicht. Wat een timing. Onze lifter had niets teveel gezegd… het was onaards mooi. De foto hieronder dekt nog niet één procent van de werkelijke pracht van dat moment.

DSC00632

Op de achterbank werd inmiddels zo luidruchtig geklierd, dat er maar Ă©Ă©n ding op zat: opsplitsen. Auto parkeren, de oudste met ma mee naar links, de jongste met pa mee naar rechts. Jelle, normaal gesproken met geen tien paarden mee te krijgen op een wandeling, had hoog op de helling een sneeuwveld gezien, en daar wilde hij naartoe. Prima! Een pad was er niet, dus dat werd klauteren.

Het sneeuwveld bleek een piepkleine hangende mini-gletsjer te zijn: onmiskenbaar meerjarig ijs, in een loodrechte, gelaagde muur met een sneeuwkapje erbovenop. We klommen erlangs tot we erboven uitkwamen, in een zadel dat schitterend uitzicht bood naar het Atlinmeer en zelfs naar de ijskap in Alaska.

P1260385
P1260393

En daar, precies op dat punt, vond Jelle een schitterend rendiergewei. Niet klein, verrot en afgekloven, maar groot, vers en puntgaaf. Ik heb nog niet vaak zo’n mooie gezien – en evenmin zo’n mooi voorbeeld van ‘een gat in de lucht springen’.

Daarna gingen we natuurlijk nog even onderaan het gletsjertje kijken…
P1260402

P1260403

P1260412
P1260411

Ondertussen aan de andere kant van de vallei:

DSC00638
DSC00644

DSC00654

~~~~

Inmiddels zijn we twee maanden verder en in de bergen ligt al een dik pak sneeuw. Hoe zou het nu zijn in de betoverende vallei? Hoog tijd om er weer eens te gaan kijken. Op de heenweg, langs de Surprise Lake Road, waren we net aan het klagen dat we hier nooit wildlife zagen toen we opeens een grote grizzly langs de weg zagen. Meneer (of mevrouw?) ging er schielijk vandoor, maar de prenten in de modder konden we nog even prachtig bekijken.

En ja hoor, de robijnrode vallei was nog even mooi – misschien zelfs nog mooier, met de besneeuwde hellingen.

DSC02727

We besloten niet helemaal door te rijden naar het eind van de weg, maar halverwege te parkeren om de flank van Ruby Mountain te beklimmen. Wie weet zelfs de top…?

Dat laatste bleek wat te ambitieus, omdat we steeds werden opgehouden door… wildlife!

DSC_4576Sneeuwhoenders in winterkleed

DSC_4510
DSC_4518Kariboes, vijf in totaal – hier drie vrouwtjes en een mannetje

En, als klap op de vuurpijl – wie ‘m herkent mag het zeggen:

DSC_4586

Een veelvraat! Die stond bij ons bovenaan het wensenlijstje – om óóit in ons leven eens te mogen zien, welteverstaan. Een veelvraat is zo’n beest dat niet alleen heel zeldzaam is, maar ook nog eens enorm schuw Ă©n enorm slim. Hij laat zich doorgaans nooit aan mensen zien. Ook hier had hij ons gemakkelijk kunnen ontgaan, ware het niet dat Teun valkenogen heeft als het op zulke dingen aankomt. Hij speurt voortdurend – bewust en onbewust – alle hellingen af, altijd op zoek naar iets afwijkends. In dit geval was dit een bewegend stipje op een besneeuwde graat, precies onder de top van Ruby Mountain!

DSC_4591

Heel ver weg, vandaar de wat vage uitvergroting, maar onmiskenbaar. Hij liep naar rechts over de graat, beloerde ons nog even vanaf het hoogste punt, en volgde toen de graat aan de andere kant naar beneden. Zie het stipje hieronder op de top, in silhouet tegen de lucht…

DSC_4601

Wij wilden proberen hem te ‘onderscheppen’ daar rechts onderaan die graat, maar de vogel was natuurlijk allang gevlogen. Die was waarschijnlijk binnen twee minuten afgedaald, over een stuk waar wijzelf een uur over gedaan zouden hebben… Het enige wat we nog aantroffen waren zijn kakelverse sporen.

DSC02738

Die volgden we een tijdje bergop – voor het uitzicht, maar ook gewoon, vanwege het gevoel in de voetsporen van een veelvraat te lopen. Op de plek waar hij nog geen tien minuten tevoren moet zijn geweest, in zijn vuistje lachend, met een omtrekkende beweging om ons heen. Daarna volgden we zijn sporen naar beneden. Met een hele grote boog – tot aan het begin van de graat. De cirkel was rond, we konden weg. Met een diepe zucht van genot. Want dit was toch wel weer een goddelijke dag, daar bij Ruby Mountain.

~~~~

DSC02745Jelles spoor naast dat van de veelvraat.
De bergbeklimmer zelf staat op de graat.

DSC02746Let op de wildpaadjes op de achtergrond!

DSC02749Rechtsvoor de print van de wolverine…

DSC02755
DSC02753

DSC02762

DSC02768
DSC02776Terugblik naar de top

DSC02777 Wildpaadjes in een stervormig patroon: ze leiden naar een mineraalhoudende rots
die de wilde schapen en kariboes als liksteen gebruiken.

DSC02781Wolfsklauw naast de blaadjes van arctische dophei

 

 

 

 

 

School enzo

Wie ons een halfjaar geleden had gezegd dat wij ooit onze jongens zouden gaan homeschoolen, die hadden wij gierend van het lachen voor gek verklaard. Homeschoolen! Dat is toch iets voor weeĂŻge antroposofen, of voor zwaar-orthodoxe christenen — in elk geval: voor mensen die denken dat hun kinderen niet goed af zijn in het reguliere onderwijs. Die vinden dat kinderen baat hebben bij meer vrijheid, of juist strikter toezicht, of andere regels, of meer individuele aandacht, dan school kan bieden. Wat zielig voor die kinderen!! En voor die ouders ook, zeg… 24 uur per dag je kinderen om je heen, je moet er toch niet aan denken.

Om een lang verhaal kort te maken: wij zijn aan het homeschoolen. Niet omdat er hier in de wildernis geen school is, want die is er wel (met 30 leerlingen). Maar omdat bleek dat wij bijna $40.000 dollar zouden  moeten betalen om de jongens hier een jaar te laten meedraaien. Daarvoor kunnen wijzelf tien jaar aan de universiteit van Vancouver studeren!

IMG_6141

Eerst even iets anders: de leerplichtambtenaar in Nederland. Die had ons de vorige keer (2016) toestemming gegeven om een halfjaar weg te gaan, omdat de kinderen hier in Atlin naar de ‘preschool’ zouden gaan. De preschool was qua niveau een soort crèche, en ook nog eens voor halve dagen. Het was geen enkel probleem dat dat geen vergelijk was met onze toch best serieuze groep 1 en 2. Ook geen probleem dat het schooljaar in Canada al op 15 juni was afgelopen, een maand eerder dan in Nederland.

Dat laatste bleek ditmaal wel een struikelblok te zijn. We hadden een keurige ‘letter of acceptance’ van de lagere school in Atlin, maar de leerplichtambtenaar gaf ons geen toestemming. Ja, wel als we op 16 juni zouden terugvliegen naar Nederland en de kinderen daar op 17 juni weer in de schoolbanken zouden zitten. Dat gingen we natuurlijk niet doen – teruggaan als de sneeuw net weg is, en als het noorden net ontluikt en roept: op vakantie!

Preschool in Atlin in 2016

“Maar u begrijpt toch wel dat u dan in gebreke bent?”, vroeg de leerplichtambtenaar. Eh, nee, dat begrepen we niet. Dus besloten we ons voor dit jaar (2018-2019) uit te schrijven uit Nederland. Dan heb je met de leerplicht niets meer te maken.

Bijkomend voordeel was dat we dan twaalf, in plaats van acht maanden konden gaan. Acht maanden is het maximum waarvoor je vrijstelling van leerplicht kunt krijgen, omdat je je officieel uit Nederland dient uit te schrijven als je langer dan acht maanden naar het buitenland gaat. Twaalf maanden dus, hoezee! De volle cyclus van de seizoenen. Beginnen waar we de vorige keer waren gebleven: in augustus, als de bladeren beginnen te verkleuren en de winter zich al aandient. Daarvoor namen we de rompslomp van het uitschrijven (belasting, KvK, hypotheekrenteaftrek, verzekeringen…) maar voor lief.

IMG_5881

Uitgeschreven! De papier-ellende is in werking gezet.

En toen was daar de school in Atlin. Al begin 2018, ruim op tijd, had de school de jongens ingeschreven. Van harte welkom waren we! Van schoolgeld werd met geen woord gerept. Toen wij daar in de visumformulieren een vraag over tegenkwamen, toch maar eens geĂŻnformeerd. School is voor de Canadezen gratis, lazen we op internet, maar voor buitenlanders ook? Nee dus. Daar rolde die $40.000 uit de bus. Tien keer zoveel als elders in het land. Dat is omdat het zo ongelooflijk duur is om in het hoge noorden een school met 30 leerlingen te runnen – en dat bedrag slaan ze kennelijk hoofdelijk om, als ze het schoolgeld berekenen.

Maar, zo bleek na veel mailen en bellen met het hoofd van het schooldistrict, 1000 km verderop: die soep werd niet zo heet gegeten. De jongens zouden informeel mogen meedraaien met bepaalde activiteiten, zoals sport, cultuur en buitenlessen. En misschien ook wel taal en rekenen, in overleg met de lokale directeur en met de leraar – “als jullie zelf maar in de gaten houden dat ze niet gaan achterlopen, zodat de leraar geen extra tijd aan hen hoeft te besteden.” Prima!

IMG_6157

Bij aankomst in Atlin bleek die soep wĂ©l heet gegeten te worden – gloeiend heet zelfs. De directeur in Atlin wilde er helemaal niets van weten. Er was niets mogelijk. Ook geen informele regeling, waarbij de jongens soms zouden mogen aanschuiven, en wij een paar flinke duiten in een schoolfonds zouden storten, of Teun als gastdocent science-lessen zou komen geven. Niets van dat alles. De reden? Dat het scheve ogen zou geven bij de lokale bevolking. Daar geloven wij geen klap van. Iedereen die wij spreken, reageert op dit verhaal met ongeloof, afgrijzen en plaatsvervangende schaamte. Wat een gemiste kans, voor alle partijen!

Ik zou er nog veel meer over kunnen vertellen, over dat gesprek met die directeur, en hoe wij inwendig vloekend en zĂ©Ă©r teleurgesteld de school verlieten, over de wederzijdse argumenten en de bureaucratie, maar laat maar. Nou, Ă©Ă©n dingetje dan nog: als een van ons twee een werkvisum had gehad, dan waren de jongens gratis naar school gegaan! Maar zo’n visum krijg je niet als zzp-er. Een baan overigens ook niet, als je al zou willen.

IMG_6195

Homeschoolen dus! Onvoorzien – maar natuurlijk hadden we sowieso het een en ander bij ons. Ook al waren ze hier wel naar school gegaan, dan hadden we nog qua taal- en rekenonderwijs, en nog wat zaken, hier zelf aan de bak gemoeten. Juf Natascha van school had ons voor vertrek bijgepraat over de leerdoelen voor groep 4 en 5 – en had, superaardig, een hele stapel werkbladen gekopieerd, onder meer voor ‘tempolezen’ en rekenen. Plus klokkijken en hoofdletterschrijven voor Bram. We hadden dus een goed gevulde schoolkoffer mee.

Maar het kwam maar niet op gang. We hadden allerlei ambitieuze plannen, maar geen structuur. Allemaal ideeën, maar eigenlijk geen idéé. De jongens wilden sporadisch wel aan de gang, maar vooral met timmeren, koekjes bakken en vingerhaken. Het was dus een hoop hangen en wurgen om ze aan het schrijven, rekenen en zelfs lezen te krijgen… Bovendien hadden we het eigenlijk ook te druk met het genieten van de nazomer. Zo veel mogelijk naar buiten, als een dolle op pad (naar Alaska, naar de omringende dalen, kamperen bij de gletsjer) om de laatste staartjes nazomer mee te pikken, voor de eindeloos lange en donkere winter zich zou aandienen.

Na drie weken modderen, en een almaar slechter wordende gemoedsrust en tanende autoriteit, bedachten we dit:

IMG_6315

En dat bleek de sleutel. Niet eens zozeer de structuur, want de kaartjes verhuizen nogal eens van dag, en de jongens hebben toch echt wel de neiging om alle leuke kaartjes eerst te doen. Maar meer vanwege het concrete, bevredigende principe: kaartjes verplaatsen van ‘te doen’ naar ‘gedaan’. En dan aan het eind van de week zoveel mogelijk kaartjes gedaan hebben – in elk geval meer dan je broer.

Jelle zag er meteen de lol van in, Bram had daar een paar weken voor nodig (op de foto hierboven ontbreekt bij hem nog de helft van de week, bijvoorbeeld 🙂  ) . Na een week goed werken mogen ze een mooie glittersticker uitzoeken… en bij een x-aantal stickers mogen ze, eh, daar moeten we nog even over nadenken. Op berensafari…? Houthakken met een echte bijl? Vissen? Fikkie stoken? Schieten met een echt geweer? Check, allemaal al gedaan.

IMG_6316

Van alles wat, van rekenen en ‘tempolezen’ tot hout bewerken en blokfluit spelen. Veel tekenen en knutselen. Er zijn een paar kaartjes (die met een gekleurde streep eromheen) die elke dag moeten – zoals lezen, dagboek, en even het weer noteren (temperatuur, wolken, wind (golven op het meer?) en hoe ziet de berg aan de overkant van het meer eruit?). De rest is een, twee of drie keer per week.

IMG_6320

Als je de tijden van de losse activiteiten bij elkaar optelt, zou je elke dag binnen een uur Ă  anderhalf klaar kunnen zijn. Haha, dat is dus niet het geval. Het blijft hangen en wurgen. Er wordt veel geklaagd, geprotesteerd, uit het raam gestaard en ‘naar potloden gezocht’. Maar heel langzaam begint er toch wat te gebeuren. Als ze even vergeten dat het een opdracht is, dan komt er verrassend vaak een hoop ijver en enthousiasme naar boven. Ja, zelfs bij onze kleine dromer die nog niet echt het grote plaatje doorheeft.

Zijn grote broer, die redt zich eigenlijk vrij zelfstandig. Die heeft ook echt in de gaten dat zijn klas in Nederland nu zonder hem verder leert, en dat hij daar volgend jaar graag weer bij wil aanhaken.

IMG_6317

Er wordt vrij veel gelezen. In de e-readers… want stapels boeken mee, dat kon nu eenmaal niet. We downloaden van alles en – als we ze eraan herinneren, en ze er echt even voor neerzetten – dan is er opeens verrassend veel leesplezier. Ze pakken nog niet spontaan hun boek, en ik moet mezelf dwingen om dat OK te vinden. Niet iedereen is de kleine nerd die ik vroeger was. Deze jongens zijn vooral voor deze dingen te porren:

IMG_6318
DSC02591
IMG_6646

Jelle heeft, vrij zelfstandig, een timmerwerkbank gemaakt. En Bram… die is bezig met een gefiguurzaagde uil, die je ophangt aan touwtjes en die met zijn vleugels flapt als je aan een touwtje aan zijn buik trekt! Hij googelt zelf hoe dat werkt en hoe een oehoe er precies uitziet…

DSC02588

Dat was even een vrij praktisch verhaal… Een volgende keer geef ik graag een wat meer filosofische bespiegeling. Over ‘levenslessen’, tijd om te ontdekken wat je passies zijn, ‘in de leerstand blijven’, faalgedachten, laissez faire, projectie, sociale isolatie en cabin fever – en: 24/7 je kinderen om je heen, terwijl je zelf ook nog probeert te werken.

Wordt vervolgd…

IMG_6612

IMG_6633
IMG_6642

IMG_6630

 

 

 

 

 

 

 

Baai met ijsbergen

DSC01021

Het was de bedoeling dat ons kamp aan de baai ons basiskamp zou zijn, waarvandaan we zes dagen in de buurt zouden gaan rondkijken. EĂ©n van de dagtochten zou dan naar de gletsjer gaan, met het meer met de ijsbergen. Maar die dagtocht, heen en terug door zwaar terrein, leek ons wel erg lang voor de kleine mannetjes. Bovendien wilden we eigenlijk wel bij die gletsjer overnachten. Je kop uit de tent steken en dan die gletsjer zien. Dus we besloten al snel dat we ons basiskamp na Ă©Ă©n nacht zouden opbreken en met ons hele hebben en houwen naar de gletsjer zouden gaan.

P1260714

En dat was nogal wat, dat hebben en houwen, want we hadden niet ‘licht gepakt’. We dachten vooraf dat we op Ă©Ă©n plek zouden blijven, dus we hadden veel eten bij ons, plus suiker en kaneel in glazen potjes, blikken met bonen, en nog meer zware dingen waarvan het normaal niet in je bolle hoofd zou opkomen om die mee te nemen op een trektocht. Bovendien hadden we een enorme extra wollen deken bij ons, omdat we met onze zomerslaapzakken niet zo koudebestendig zijn.

DSC01024

DSC01023

Gelukkig hadden we een superdeluxe bagagekarretje geleend van Philippe, dat vrij terreinbestendig was. Maar al gauw kwamen we terecht in het vlechtende gedeelte van de rivierbedding, waar het vanwege de rolkeien toch wel een uitdaging werd. Om de beurt gingen pa en ma een eind terug of juist vooruit om porties bagage te shuttelen.

DSC01031

De jongens droegen ook een flink zware rugzak, dat moet gezegd worden. Ze hielden zich kranig – maar het landschap was dan ook opwindend. Kliffen die hoog boven ons uit torenden (met hier en daar een berggeit), ruige vergezichten, steile keienhellingen. En prachtige stenen en botten om te verzamelen. Zodat de bagage nog zwaarder werd 🙂

P1260717
DSC01034
P1260718
P1260719

Aan het eind van het dal gingen we rechts de hoek om, een spectaculaire smalle canyon in, om in het gletsjerdal te komen. We waren gewaarschuwd dat we in die canyon kniediep door het water zouden moeten waden, maar het was er kennelijk erg droog geweest, dus we konden zo doorlopen.
P1260720
P1260722
DSC01037
DSC01039

Op de foto hierboven zie je een passage waar je zelfs met kniediep waden niet doorheen zou komen, dus daar leidt het pad aan de linkerkant steil omhoog door een stukje felgroen, sprookjesachtig regenwoud.

P1260727

Aan de andere kant van dat stukje kloof (hieronder een terugblik naar waar we vandaan kwamen) kom je in het kale gletsjerdal.

DSC01048

En daar ontvouwde zich dan voor het eerst die enorme gletsjer aan onze blik. Het was vanaf daar nog een kilometer of twee naar de morene. Een pittig laatste eindje, maar Jelle hielp mee als een beer.

DSC01043

P1260730

En daar waren we dan. Het uitzicht vanaf de morene was nog indrukwekkender dan we hadden durven dromen. We besloten dan ook precies daar de tenten op te zetten; middenop de morene, met formidabel uitzicht naar beide kanten. Snel doorwerken, zodat we meteen een avondwandelingetje konden maken richting de gestrande ijsbergen.

Op de onderste foto is goed te zien dat het waterniveau redelijk recent (8 jaar geleden) nog een meter of tien hoger stond. Toen is het ijsmeer, door het afbreken van de punt van de gletsjer, heel plotseling grotendeels leeggelopen via een zijdal links om de hoek. Op de modderige ex-bodem groeien nu aarzelend de eerste pioniersplanten: voornamelijk Alaskaans wilgenroosje. Verder is het nog steeds, ook na bijna een decennium, een gladde modderkrater. Bijna buitenaards.

Mannetjes in het maanlandschap:
DSC01069
DSC01070

Afdrukken van beer en kariboe:
P1260753
P1260754

De volgende dag wandelden we een paar kilometer langs het gletsjermeer en weer terug. Een beeldimpressie.

DSC01121

En daarna: het mooiste kampvuur van de wereld. Door Teun gemaakt met een vonkenmaker. Success at last!!! Nienke was ook trots, want die had een paar dode sparrenbomen van een berghelling losgerukt, na een halsbrekende klautertoer.

Vlak voordat de zon achter de gletsjer onderging, baadde onze kampplek nog even in een gouden avondzon. Zo’n moment. Dat je denkt: dáárom sjouwen we ons een breuk met al die zooi door dat keienlandschap. EĂ©n zo’n kampeerplek maakt meteen de hele tocht, het hele avontuur in Canada, ja eigenlijk het hele leven, de moeite waard. Zo’n moment.

P1260817

 

Hier, zoals gebruikelijk, nog even wat losse nabranders:

DSC01150

Berggeiten direct boven ons kamp, en chipmunks all around:

DSC01063

Teun filtert water uit de beek:

DSC01168

P1260823

Een dode mystery mammal. Bij thuiskomst opgezocht: een bushy-tailed woodrat. Nog nooit eerder gezien! De schedel is natuurlijk meegenomen… :-/

DSC01032

Als je niets anders hoort dan het knisperen van het kampvuur en het rommelen van afkalvende ijsbergen:

DSC01170

 

 

 

Kamperen in totale leegte

Begin september, voordat de herfst in alle glorie zijn intrede deed, maakten we een kampeertocht zoals je die niet veel maakt in je leven. Zo’n kampeertocht waarbij je iedere ochtend wakker wordt en denkt: dít is waarvoor kamperen is bedoeld. Niet voor rijtjescampings met caravans en vieze douchehokjes. Niet voor de kookgeuren en geluidsoverlast van de buren. Maar om ergens middenin een natuurgebied helemaal alleen te zijn. Om ergens te kunnen komen waar je anders simpelweg niet kunt komen. Op plekken die zo afgelegen zijn, dat je ze alleen kunt bereiken door een paar dagen te lopen of te kanoën. Zoals deze plek, ons hoofddoel tijdens deze kampeertocht:

P1260817

En dáár dan wakker worden, je kop uit de tent steken, en helemaal alleen zijn in een overweldigend landschap. Je wassen met ijskoud water uit de beek, koffie drinken met klonterige poedermelk, plakkerige havermout eten, het nét iets te koud hebben omdat de zon nog achter de berg is, nét niet helemaal genoeg ontbijten omdat de rantsoenen beperkt zijn, maar toch volmaakt gelukkig zijn. Ontbijten met fenomenaal uitzicht. Wilde dieren begluren vanaf de tent. De kinderen loslaten in de ideale speeltuin. Dat is het punt van kamperen. Voor ons dan. (Maar laten we niet snobberig doen – we bewaren ook veel goede herinneringen aan Europese campings hoor, in of op weg naar mooie gebieden, of met vrienden of familie. Maar graag delen we hier ons idyllische ideaalplaatje. De harde matjes en koude nachten verzwijgen we even voor het gemak.) 

Het plaatje hierboven is zo ongeveer de eenzaamste kampeerplek waar we ooit gestaan hebben. Zelfs tijdens onze trektochten in Alaska was er altijd wel een weg of een wilderness lodge binnen een straal van, zeg, twintig kilometer. Hier was helemaal niets. We hadden ons namelijk door onze vriend Philippe met een motorboot laten afzetten aan het zuidelijkste puntje van het Atlinmeer. Dat is 65 km ten zuiden van Atlin, precies halverwege de rechte lijn naar Juneau, dat aan de kust van Alaska ligt. Op die plek zijn Atlin en Juneau de dichtstbijzijnde plaatsen. Wegen zijn er nergens.
Kaartje

Ons doel was de Llewellyn Glacier, een uitloper van het gigantische Juneau Icefield, dat grotendeels in Alaska ligt. De Llewellyn Glacier is vanuit Atlin te zien en lokt als een magneet, vooral vanaf de bergtoppen. Die uitloper schijnt een van de mooiste plekjes te zijn van het Atlin Provincial Park. Daarvan kregen we onderweg overigens ook wat adembenemend mooie stukken te zien. Philippe liet ons de scenic route zien, achter Theresa Island langs, onder Cathedral Mountain door, en vervolgens door de schilderachtige Second Narrows weer terug naar het zuidelijke deel van het Atlinmeer. Een tocht van twee uur over spiegelglad water.

Philippe zette ons vervolgens af in een prachtige ondiepe baai, op de plek waar een droge rivierbedding in het grote meer uitkomt. Tot acht jaar geleden liep hier een grote vlechtende gletsjerrivier, maar die neemt nu een andere loop, sinds er in 2010 een enorme brok van de gletsjertong is afgebroken. Daarbij is het Llewellynmeer grotendeels leeggelopen en zijn er honderden ijsbergen gestrand. Het waterniveau is nu een meter of tien lager dan toen – en de meeroever is nu een bizar maanlandschap. Maar daarover later meer.

Allereerst die droge rivierbedding waar we aan land gingen – wat een paradijselijk plekje.

P1260634
P1260635

Philippe had ons een minikajak meegegeven – een gouden greep! Jelle was helemaal verkocht. En omdat de baai zo ondiep was, mocht hij van ons zijn eigen gang gaan, na een klein proeftochtje samen met Nienke in Ă©Ă©n bootje. Dat laatste leek instabieler dan Jelle maar alleen laten gaan… Links zie je Teun en Bram bij onze prachtige kampplek aan het water.

P1260636
P1260638

Het was zulk lekker weer, het ondiepe water zo warm en de modder zo aanlokkelijk dat de zaken al snel uit de hand liepen…  En dat terwijl het water even verderop maar drie graden is…

P1260646  P1260660

Meteen die eerste middag maakten we in die brede riviermonding een prachtige wandeling. Overal de pluizen van uitgebloeide achtster, extra fraai met de laagstaande zon.

DSC00996 DSC00997

In een verre hoek van de delta baanden we ons een weg door dicht struikgewas en stonden we opeens aan een bevermeertje. Daar troffen we de indrukwekkendste beverkanalen die we ooit gezien hadden: kanalen die de bevers graven om de bomen die ze landinwaarts omknagen, makkelijker naar het water te kunnen vervoeren. Zulke kanalen hadden we al weleens eerder gezien, maar nog nooit twee meter breed en honderd meter lang.

Teun en Jelle lopen terug naar onze kampplek aan het water, met hout voor het kampvuur op de schouders:

P1260682

Dromer Bram loopt achteraan, zijn blonde koppie een perfecte camouflage in een vlakte vol stralende pluisjes:
P1260685

Al gauw hadden we een knapperend vuurtje – geen overbodige luxe, want beide jongens hadden natuurlijk natte schoenen. De een was in een beverkanaal gestapt, de ander was wat onhandig aan land gegaan met de kajak (en had overigens ook de kajak laten wegwaaien in de wind – moeders kon erachteraan, wadend tot de borstkas in water van drie graden – maar dat had heel makkelijk veel erger kunnen wezen, als we het wegdrijvende bootje een minuut later hadden opgemerkt).
P1260705

Best lastig, om schoenen te drogen bij een vuurtje zonder ze in de fik te laten vliegen. Tussendoor was er voor Jelle nog even tijd voor een snelle peddel – nog even genieten van het late avondlicht en het uitzonderlijk gladde meer. Is dit nou dat levensgevaarlijke meer waar iedereen ons altijd voor waarschuwt…?

P1260693

P1260689

Teun kookt pasta met zalm en broccoli, een klassieker van thuis die in de openlucht toch altijd net iets lekkerder smaakt:

P1260707

P1260711

In Europa slapen de jongens gewoonlijk samen in de kleine tent, en wij samen in de grote. Maar hier in berenland vinden we dat toch niet zo veilig. Voor het geval het op het moment supreme wat uitmaakt: we slapen kruislings –  in elke tent een kind en een ouder, de pepperspray in de aanslag bij het hoofdkussen. Best gezellig. En ook bij het in paniek ’s nachts moeten plassen is het handiger dat er een ouder bij ligt die even snel de ritssluiting kan vinden.

P1260712

De rest van deze trip – het kamperen bij de gletsjer met uitzicht op het ijsbergenmeer – houden jullie nog even tegoed…  Het moet niet te gek worden, in Ă©Ă©n blogpost… Hier nog wat nabranders:

Bram met wolvenpoep, die we hier om de paar honderd meter vinden:

P1260666

Moeders met brandhout:

DSC01015

Stilleven met afwas:

DSC_2602

Beren en zalmen in Alaska

We waren nog geen maand in Atlin, of we waren alweer op reis. Niet omdat er in Atlin niet genoeg te doen is. Maar eind augustus was de laatste kans om nog iets mee te pikken van de jaarlijkse zalmtrek: de salmon run. Dat wilden we natuurlijk niet missen. In de omgeving van Atlin komen helaas geen zalmen voor – kennelijk zijn er toch teveel barrières tussen ons meer en de Yukon. Vroeger schijnen ze hier wel gezeten te hebben. Gelukkig zitten we hier vlakbij het hart van waar de salmon run het meest spectaculair is: Alaska.

kaartje 2

De rit naar Skagway, aan de kust in Alaska, duurt ongeveer 3,5 uur en is wonderschoon. Met name van het grensgebied, rond de beroemde White Pass, kunnen we maar geen genoeg krijgen. Maar ook onderweg is er genoeg te zien. Wildlife bijna gegarandeerd. Zo ook deze keer.

01_DSC_1793_to skagway

Dit prachtige zwarte beertje zagen we op ongeveer een uur rijden van Atlin. Tien minuten daarna zagen we de eerste eland. Tien minuten dáárna de eerste lynx. Beide waren net iets te snel voor de camera – maar onmiskenbaar en geweldig mooi. Wat een land.

Ook op andere vlakken biedt zo’n rit overal vermaak. Zoals deze sticker op de deur van het cafĂ© van Jake’s Corner (dat de lekkerste cinnamon roles verkoopt die je je maar kunt voorstellen):

01b_IMG_3192_to skag

04_DSC00263_to skag

Aan het prachtige Tagish Lake (zie boven) waren we getuige van de laatste stuiptrekkingen van een enorme bosbrand, die al wekenlang woedt. Hier in het noorden van BC is dat een zeldzaamheid, maar in het zuiden staan er bossen al maandenlang in brand. De hele provincie heeft dit jaar te maken met extreme hitte en droogte, net als Noordwest-Europa.

02_DSC00264_to skag

03_DSC_1821_to skagway

De White Pass was weer als vanouds prachtig. De pas is overigens niet vernoemd naar de witte sneeuw, maar naar meneer White, een ingenieur die een belangrijke rol speelde bij de aanleg van de beroemde spoorlijn over de pas, de White Pass & Yukon Railroad. Dit huzarenstukje, waar tienduizenden mannen aan werkten, werd in no-time aangelegd tussen 1898 en 1900. Nu hoefden al die arme sloebers niet meer met hun honderden kilo’s bagage te voet over de pas te trekken, op weg naar de goudvelden van de Klondike en de Yukon. Vandaag de dag boemelt er nog een mooi treintje overheen, deels over houten bruggen, langs gapende afgronden. (De moeite waard! Zie ook blogpost mei 2016: Uitstapje naar Alaska.)

05_DSC00270_to skag

In Skagway kampeerden we twee dagen in een zijdal, Dyea, met een rivier die in een prachtige delta in het fjord uitkomt. (Klik op de fotootjes om ze groter te zien.)

 

 


15_P1260302_skag
16_DSC00300_skag

En in Skagway kun je vooral ook heel lekker vis eten. We aten in een restaurantje dat zo verstopt is in de oude haven dat alleen locals het kunnen vinden. En wij. Ook de zeearenden pikken in de haven graag een visje mee. We zagen de arend in het plaatje hieronder in een spectaculaire schroevendraaier afdalen, middenin de haven, en met een zalm in zijn klauwen ervandoor gaan.

We maakten een prachtige wandeling boven Skagway. In een beekje zagen we deze enorme zalm die langzaam stroomopwaarts zwom, op weg naar de paaigronden. Dit is zo’n exemplaar dat al half uit elkaar aan het vallen is. Alleen nog even paaien, en dan sterven. Als hij niet voor die tijd al wordt opgegeten door een beer of arend.

Veel prachtigs tijdens deze wandeling: rechtsboven een rups van een walstropijlstaartvlinder (hier een exoot), rechtsonder een rups van een rusty tussock moth. Kijk in de grote versie eens naar die wonderlijke borsteltjes aan zijn antennes! Middenonder een western columbine, nog op het nippertje in bloei. Verder veel Alaskaans wilgenroosje (uitgebloeid maar met prachtig rood verkleurende bladeren), framboos, kleine wilde roosjes, vossenbessen. Een pracht van rood en groen.

Maar omdat we hier geen echte salmon run troffen, en ook geen beren, besloten we met de ferry een stadje verderop te gaan kijken, in Haines. Haines is kleiner en minder toeristisch dan Skagway, en via de weg alleen te bereiken vanuit het hoge noorden. Met de ferry ben je er in een uur vanuit Skagway – een prachtige tocht door de fjord.

31_DSC_1873_skagway

Boven: kraaien op zoek naar mosselen in de vloedlijn. Onder: mannetje harlekijneend. Bij de haven van Skagway.

32_DSC_1892_skagway

In Haines kampeerden we in het hart van berenland: Chilkoot State Park. De camping ligt aan een meer, dat via een beek is verbonden met de zee. In die beek vissen beren en vissers zij aan zij. Tenminste, volgens de foldertjes. Toen wij hier twee jaar geleden waren, was het vrij rustig en zagen we in de verte één grizzlybeer. Deze keer hoopten we op meer geluk. Voor de speurders onder ons: wat is hieronder gebeurd…?

DSC_1954_haines

Deze keer was het prachtig raak! Een moeder grizzly met haar drie jongen was aan het vissen bij een fishing weir, een soort hek in het water dat de passerende zalmen door een smalle goot dwingt. Op sommige plekken gebruikt men zo’n weir (spreek uit: ‘wier’) om zalm te  vangen – hier om ze te tellen, voor wetenschappelijk onderzoek. Maar de weir werkt ook als een magneet op beren. Aan de bovenstroomse kant van de weir zakken uitgeputte zalmen tegen het hek aan om even uit te rusten, en laten zich dan relatief gemakkelijk vangen door hongerige beren.

Moeder nam haar jongen ook mee de weg op. Hier ontvouwde zich een wonderlijk tafereel: dertig toeristen die keurig afstand hielden, met een groepje beren dat zich daar helemaal niets van aantrok en doodgemoedereerd op de mensen af liep – enkel geĂŻnteresseerd in sappige scheuten en bessen langs de weg. De moederbeer kwam uiteindelijk binnen vijf meter afstand langs, terwijl wij achteruit deinsden. Ieder normaal mens denkt: vĂ©Ă©l eerder wegwezen. Het blijven per slot van rekening wilde dieren, die respect en ruimte verdienen en die onberekenbaar kunnen zijn. Maar op deze plek, waar beren en mensen inderdaad naast elkaar vissen, zijn de beren volstrekt niet geĂŻnteresseerd in de mensen. In ons groepje stond ook een ranger, die het een en ander uitlegde en nauwlettend het gedrag van de moederbeer in de gaten hield. Geen enkel probleem, deze afstand, vond hij.

Later die middag zagen we dezelfde moederbeer nog even in de baai aan zee, waar ze op haar rug ging liggen om haar jongen te voeden. Heel bijzonder om te zien – en ook wat relaxter, vanaf een wat normalere afstand. Plus nog een fraaie jonge bonusbeer vlakbij de camping.

DSC_2209_haines

Zeearend, blauwe gaai en een Tlingit-totempaal langs een ceremonieel stukje van de Chilkoot River.

De tocht met de ferry terug naar Skagway viel in het water, want die ferry had – zoals wel vaker in deze ruige streken – zes uur vertraging. Dat zou betekenen dat we niet voor middernacht bij de grensovergang zouden zijn, en dan mag je er niet meer langs. Lastig, aangezien Nienke deze avond per se terug moest zijn in Atlin om drukproeven van een tijdschrift te controleren – ja, het kan verkeren; het lijkt hier dan wel Ă©Ă©n grote vakantie, maar het werk gaat ook gewoon door… Daarom besloten we de ferry te annuleren, en terug te rijden naar Atlin – een enorme maar schitterende omweg, via Haines Junction en Whitehorse.

kaartje 3
DSC00442_haines
DSC00443_haines

DSC00445_haines

DSC00447_haines

IMG_6097_skag

Even gestopt voor een hamburger in het schilderachtige Haines Junction, met op de achtergrond de bergen van Kluane National Park.

IMG_6102_haines

Spannend rijden als de schemering inzet: steekt er geen beer of eland de weg over? Teun reed geconcentreerd en koelbloedig….

DSC00460_haines

… en spotte deze elk (Noord-Amerikaans edelhert), die braaf aan de bosrand bleven staan.

DSC00455_haines

Onderweg ook nog een lynx, een eland en een stekelvarken langs de weg! Om middernacht waren we thuis. Precies op tijd om de drukproeven te controleren 🙂

Het eerste wat de jongens de volgende ochtend wilden doen: de oude roestige beverklem uitproberen, die we in Alaska uit een rivier hadden geplukt. Wat een akelig stuk gereedschap… Zelfs als je hem met een stok laat dichtklappen, doet het zeer aan je handen, zo groot is de klap. Alleen papa mag de klem spannen. Mama waagt zich er niet aan. Die neemt liever nog een kopje koffie.

P1260308_skag

 

Terug in Atlin!

We zijn hier alweer zes weken! Maar achter de computer zitten lukt maar niet. Het is buiten veel te mooi. En er zijn veel te veel leuke mensen die ons uitnodigen voor barbecues, vistripjes en klusprojecten… Kortom, we zijn koortsachtig bezig de laatste vleugjes nazomer mee te pikken voordat de winter inzet. En dat is al bijna… Op 31 augustus viel de eerste sneeuw op Atlin Mountain, aan de overkant van het meer. En vannacht hadden we de eerste vorst. Het water in het bakje op de veranda was bevroren. Hadden we met de auto weg gewild, dan hadden we moeten krabben.

Zo begon het: op 2 augustus vlogen wij over de ijskap van Groenland, via Vancouver naar Whitehorse in Yukon.

P1260183_vliegreis

Vanaf daar is het nog twee uur rijden naar het zuiden, over een doodlopende weg, naar ons dorpje Atlin, net over de grens van Brits Columbia. In Atlin (300 inwoners) woonden wij in 2016 al zes maanden. Zo ongelooflijk mooi en indrukwekkend… dat een halfjaar niet genoeg was. Ditmaal zijn we hier een jaar!

kaartje

Hoe dat zo gekomen is, hoe de twijfels en blinde hartstocht en koppigheid en wensdromen elkaar in ons hoofd hebben afgewisseld, dat vertellen wij nog weleens… Maar first things first: we zijn er weer! Ditmaal niet in de afgelegen vallei in de piepkleine cabin van Kate & Kate, de dames die ons ooit naar Atlin lokten. Maar wel in een smaakvol, maf, Pippi-Langkous-achtig houten huis aan het meer, zo’n vijf kilometer buiten het dorp. Dit is de voorkant van het huis, gezien vanaf de kant van het meer.

0795_huis

Je parkeert aan de achterkant. En die auto… Haha! Die auto hebben wij gekocht. Een Chevy Blazer Fourwheeldrive, via de plaatselijke online Marktplaats. Ja, je kunt maar beter goed voorzien zijn.

Het huis heeft geweldig uitzicht op het meer en de berg aan de overkant. Hoewel er hier en daar wel wat bomen voor staan… Maar die zijn ook fijn, want ze zitten vol met allerlei vrolijke meesjes, vliegenvangertjes, boomklevers, zangertjes, junco’s en ook eekhoorns. Die zijn allemaal verbazend tam en komen massaal op ons voederhuisje af. Want het voederseizoen is begonnen!

Het huis heeft een open vide, waar wij zelf slapen. De jongens slapen op een uitschuifbank in de woonkamer.

En het stookseizoen is begonnen!

IMG_6064_home

En dat betekent: hout hakken. We kunnen hier ons hart ophalen. Er ligt nu een paar kuub, maar dat is bij lange na niet genoeg voor de winter. De hele houtschuur moet vol… dus we zullen nog een keer of wat het bos in moeten om een paar hele bomen te halen. Do as the locals do… Gelukkig hebben we buren met wie we dat samen kunnen gaan doen.

IMG_6170_home
IMG_6169_home

Vanaf ons huis loop je zo de berg op… Monarch Mountain, ca. 1400 meter hoog (het meer ligt op 700 meter). Klik op de collage om de foto’s groter te zien…

 

En aan het einde van onze weg, de Warm Bay Road, liggen de warme bronnen waar je het hele jaar door in kunt zwemmen. Nou ja, warm… lauw is een betere omschrijving. Deze keer lieten de volwassenen dat genoegen dus even aan zich voorbijgaan. Die laafden zich liever aan het bizarre ecosysteem, dat goed gedijt bij het warme zwavelrijke water.

Halverwege de Warm Bay Road ligt Palmer Lake, een betoverend meer met een paar kleine sub-meertjes die door bevers zijn gemaakt. Daar kun je geweldig kanoën. Met dank aan onze vrienden Cathie en Jack, van wie wij deze mooie kano mochten lenen…

 

Hier nog wat kleine losse impressies van Life around Atlin:

Como Lake en, rechtsonder, cultureel erfgoed aan The Big Lake.

 

Pine Creek Falls, en goldpanning in Spruce Creek:

Frambozen plukken bij onze buurman Steve, om jam te maken en in te vriezen:

Onze outhouse! Raven op Monarch Mountain, pannenkoeken eten, en houtbewerken:

Herfst bij het meer! En fietsen naar het dorp. De terugweg is een hele opgave:

En nog meer huisvlijt:

 

 

IMG_6154_home

 

Road trip met een kano – deel 2

Wat losse eindjes had u nog van ons tegoed, ruim een jaar nadat we zijn teruggekeerd uit Atlin. Bijvoorbeeld de tweede helft van onze roadtrip met een kano! We hadden al wel verteld van het bezoek aan het goudzoekersstadje Whitehorse, het wildwatervaren op de Takini River en de waanzinnige vierdaagse kanotocht in de Alsek Valley van Kluane National Park, een van de ruigste landschappen die we ooit gezien hebben. Hier nog even het kaartje van de driehoek die we maakten:

Haines Jct

We waren gebleven bij ons eerste doel na de Alsek Valley: Kathleen Lake, een prachtig blauw meer ingesloten tussen hoge pieken, nog steeds in Kluane National Park. Daar wilden we een nacht doorbrengen! Een eindje varen over het meer en dan een wild plekje zoeken om te overnachten. Maar dat liep even wat anders. Op Kathleen Lake waaide een bulderende wind en de golven waren meer dan een meter hoog… Hieronder op de foto’s ziet het er nog niet zo ruig uit… We legden dus ook nog vol goede moed de kano in het water en begonnen in te pakken… totdat we ons realiseerden dat het echt gekkenwerk zou zijn, met een volgeladen kano, ijskoud gletsjerwater en twee kinderen die niet kunnen zwemmen.

P1210771

DSC_2775

Daarom pakten we alles maar weer in en reden een klein eindje verder, alwaar we de kano in het water lieten in de Kathleen River en een stukje meevoeren naar Little Kathleen Lake, aan de andere kant van de weg. Dat was niet zo spectaculair als het grote zustermeer, maar wel heel lieflijk en beschut.

De tenten stonden er wat krap tussen de bomen, bovenop het struikgewas, maar een beter plekje was  zo snel niet te vinden. Inmiddels was het al knap laat geworden… Prachtige zonsondergang aan het meer.

P1210781

De volgende ochtend was het nog even aanpoten om stroomopwaarts weer terug te komen naar de auto. Dat werd ploeteren op sandalen!

P1210796

Maar de beloning mocht er wezen, want vlakbij de auto spotte Teun opeens…. een heel grote kat aan de overkant van de beek, op nog geen tien meter afstand! Doodkalm zat hij ons aan te kijken. Zo kalm zelfs, dat Teun hem – dapper wadend met statief en telelens – tot op een meter of vijf kon benaderen. Nienke, Bram en Jelle zaten intussen ademloos in de kano. Zoek de lynx in onderstaande foto…

P1210798

Rillingen langs je ruggengraat als je dit in de ogen mag kijken:

DSC_2857-bewerkt2

Niet veel later reden we in de auto verder naar het zuiden, langs de weg van Haines Junction (Canada) naar Haines (Alaska) – volgens velen de mooiste weg op aarde. Of dat helemaal zo is durven we niet te zeggen – het was ook wat bewolkt, dus we hebben het landschap niet in volle glorie kunnen bewonderen. Maar indrukwekkend was het zeer zeker… (klik op de foto’s om ze groter te zien).

Haines in Alaska is een wonderlijk toeristenstadje aan een fjord. Je kunt er over de weg alleen vanuit het noorden komen, dus vanuit Kluane, de richting waarvandaan wij ook kwamen. Of je vaart erheen vanuit Skagway, een uurtje varen. Het is dus een vrij geïsoleerd stadje. We besloten de drukte van Haines (en het festival dat er net werd gehouden) achter ons te laten en te gaan kamperen op het Chilkat-schiereiland, net ten zuiden van Haines. Je had daar prachtig uitzicht op ruige bergen en gletsjers, maar de camping lag teleurstellend weggestopt in het dichte bos. De volgende ochtend maakte veel goed, want: de zee was spiegelglad dus wij besloten er een tochtje op te kanoën!

Haines

Die avond reden we door naar het andere plaatselijke State Park: Chilkoot, net ten noorden van Haines. Hier is de beroemde Chilkoot River, die Chilkoot Lake verbindt met de fjord, en waar rond deze tijd van het jaar veel beren zouden moeten vissen… We zouden dan nog net een stukje van de zalmentrek moeten kunnen meemaken.

We kampeerden in Chilkoot State Park weer in een dicht bos, maar ditmaal wel dichtbij het water. Dat leverde dit prachtige tochtje op, helemaal in ons eentje op het meer:

En waar wijst Teun naar, daar in die foto rechtsonder? Jawel, naar paaiende zalmen! We troffen een paar kleine, ondiepe inhammen in het dichte regenwoud, waar kleine beekjes in het meer kwamen. Dat is blijkbaar precies het habitat waar hitsige zalmen het liefst bij elkaar komen. Het leverde een heftig spektakel op, met enorme zalmen die luidruchtig heen en weer schoten onder de boot door, heen en weer, over elkaar heen, onder luid gespetter. Wat een ervaring – ook voor de jongens!

DSC_3036

In die inhammen vonden we op de oevers ook allemaal grote berenhopen en prachtige arendveren… Aan land gaan was daar wat riskant, omdat je maar nooit weet wie er nog meer naar de zalmen komt kijken… Maar Teun heeft het er toch een paar keer op gewaagd, vooral omdat Bram die veren tĂ© mooi vond om te laten liggen. Inmiddels liggen ze in Vogelenzang in zijn vitrinekast, keurig de grens over gesmokkeld bij Skagway en op de vliegvelden…

Niet alleen de inhammen met zalmen, maar ook de rest van het meer was sprookjesachtig mooi. Niemand anders te zien… alleen een eenzame bever.

En, of je het gelooft of niet, een zeehond, op jacht naar zalm! Die is dus de hele Chilkoot River opgezwommen en vertoeft hier doodgemoedereerd in zoet water.

DSC_3129

Die avond ging Teun nog op berensafari langs de Chilkoot River, maar zonder succes. De dag daarop lukte het beter! Nog steeds niet de enorme aantallen die vissers daar soms schijnen te zien (en waar ze helaas soms mee in conflict komen…) maar toch zeer indrukwekkend: een moeder grizzly met twee grote jongen.

DSC_3156

DSC_3151

DSC_3162

En ook de grindvlakte van de delta van de Chilkoot River was erg mooi… overal grote berenpoten, overal arendveren en overal zeehonden die op zalm aan het jagen waren.

De ferry van Haines terug naar Skagway was deze keer heel ‘gewoontjes’ – geeneens orka’s of springende bultruggen, zoals de vorige keer! Maar toch altijd prachtig om door die smalle, spectaculaire fjord te varen met káns op zeezoogdieren. Daar kan toch weinig tegenop.

Als kleine bonus van deze prachtige twaalfdaagse rondreis maakten we te voet (kano bleef voor de verandering even op de auto) nog een tweedaagse tocht in de bergen, precies op de grens tussen Alaska en Yukon. Daar ligt, halverwege de White Pass, een prachtige waterval, International Falls, waarvan wij al eerder hadden gezien dat we daar dolgraag een keertje wilden kamperen. Wel nog even spannend, met de kleine mannetjes met rugzakken op de rug, maar zij deden het boven verwachting goed! Wat wil je ook, in zo’n spannend landschap… Hier gingen we steil naar beneden, door het dal en dan langs die rivier weer omhoog. De waterval ligt net over het zadel heen, buiten beeld.

P1210914

Prachtige bloemenweitjes met alpenflora. Inmiddels was er een kille mist komen opzetten, dus met mutsen, dassen en wanten aan kookten we ons potje aan de rivier.

De volgende ochtend was het nog steeds mistig, maar de zon brak er na een paar uur op spectaculaire wijze doorheen. En dat leverde me een landschap op! We liepen nog een eind omhoog richting de eigenlijke Falls, zonder tent, en daarna via de kampeerplaats weer terug naar de auto.

DSC_3223

Van daaraf in twee uurtjes weer richting Atlin gereden. De laatste vakantie afgesloten. Of… misschien nog een paar dagen kanoĂ«n op het grote Atlinmeer…?

P1210968